Congres Zuivel & Duurzaamheid

Rotterdam |

Congresverslag – De rol van zuivel in een duurzame en gezonde voeding

De sterke groei van de wereldbevolking en de toename van welvaart heeft grote invloed op de wereldvoedselvoorziening. Hoe kunnen al deze monden op een gezonde en duurzame manier gevoed worden? En op welke manier kan de zuivelsector bijdragen aan een duurzamer voedingspatroon? Daarover ging het congres ‘De rol van zuivel in een steeds gezonder en duurzamer voedingspatroon’, georganiseerd door het FrieslandCampina Institute op 11 oktober 2016 in Rotterdam. Met ruim 100 geïnteresseerde diëtisten was het een geslaagde dag!

Toenemende vraag naar voeding

De Vlaamse voedingsepidemioloog Elly Mertens is bezig met een promotie-onderzoek naar gezonde en duurzame eetpatronen aan de Wageningen University & Research. In haar lezing schetste ze allereerst de huidige wereldvoedselproblematiek. Door een groeiende wereldbevolking en stijgende welvaart is er een toenemende vraag naar goede voeding die volop voedingsstoffen levert en een lage milieu-impact heeft. Volgens de Wereldvoedselorganisatie (Food and Agriculture Organization) zou de wereldwijde voedselproductie tussen 2009 en 2050 met ongeveer 70% moeten toenemen om aan de voedselvraag van 2050 te voldoen. Om de groeiende wereldbevolking op een verantwoorde manier te kunnen voeden, is duurzaam geproduceerd en voedsel met een hoge voedingsstoffendichtheid nodig. De voedselproductie en –consumptie zorgt voor een ecologische voetafdruk. In welvaartslanden staat die voetafdruk in het rood: we gebruiken meer grondstoffen en produceren meer afval. De natuur kampt daardoor met schaarste en uitputting en dat probleem neemt alleen maar toe. Er moet daarom iets veranderen.

Disbalans

De welvaart stijgt in grote delen van de wereld. Maar nog steeds is 11% van de wereldbevolking ondervoed. Ook komt het voor dat mensen wel voldoende calorieën binnenkrijgen, maar dat hun voeding onvolwaardig is. Zo blijkt uit Nederlands voedingsonderzoek dat veel mensen te weinig foliumzuur, riboflavine (vitamine B2) en vitamine A binnenkrijgen. Het is een uitdaging om het voedingspatroon voor de gehele wereldbevolking zowel gezond als duurzaam te maken. Mertens gebruikt daarvoor het SHARP-model, een model dat rekening houdt met meerdere aspecten van eetgedrag. SHARP staat voor Environmental Sustainability, Health, Affordability, Reliability en Preferences. Mertens: ‘Het is onnodig en ook schadelijk om alle dierlijke producten te schrappen, omdat daardoor de voeding onvolwaardig wordt. Puur het navolgen van de Richtlijnen Goede Voeding en de Schijf van Vijf zorgt al voor veel milieuwinst en gezondheidswinst. Verder is het erg belangrijk om praktische adviezen te geven over restverwerking. Naast voedingskeuze-advies is praktisch advies rondom voedselverspilling voor de consument thuis ook al een kleine stap in de richting van het verkleinen van de milieu-impact van voedingsconsumptie’.

Past zuivel in een duurzame voeding?

Stephan Peters van de Nederlandse Zuivel Organisatie (NZO) liet zien dat we per persoon gemiddeld voor 22 ton CO2 uitstoot per jaar zorgen. Dat komt uit factoren als vervoer, verwarming, kleding en woning. Onze voeding zorgt gemiddeld voor 5,6 ton CO2 uitstoot per jaar. Daarvan komt 0,9 ton uit vlees, 1,1 ton uit zuivel, 0,5 ton uit groenten en fruit en 3,1 uit de rest van onze voeding. Om de duurzaamheid van zuivel te beoordelen, is de NZO een project gestart. Diverse voedingspatronen met verschillende basisvoedingsmiddelen werden doorgerekend op gezondheid en milieudruk. Peters lichtte toe dat er gekozen is voor basisvoedingsmiddelen, omdat van veel bewerkte voedingsmiddelen de milieubelasting nog helemaal niet bekend is. Uit de berekeningen blijkt dat zuivel minderen niet veel milieuwinst oplevert, omdat de compensatie van de voedingsstoffen uit zuivel door andere producten niet gemakkelijk is en een vergelijkbare voedselafdruk geeft als de zuivel zelf.

Ook bij het minderen van vlees geldt een genuanceerder verhaal. Als je vlees compenseert met producten buiten het seizoen en/of van verre landen kun je ook voor verrassingen komen te staan als je kijkt naar duurzaamheidsparameters. Kortom, hoe een gezond en duurzaam voedingspatroon er uit ziet is geen zwart-wit verhaal. De wetenschap staat op dit onderwerp nog in de kinderschoenen. Het beste advies volgens Peters: ‘Eet minder en hou je aan de Schijf van Vijf. Eet vooral basisvoedingsmiddelen, producten van het seizoen en minder bewerkte producten. Want juist bij de restcategorie, zoals snoep en snacks, valt er veel milieuwinst te behalen door hier minder van te eten.’

Smaak is de koning van ons eetgedrag

Martijn Veltkamp is psycholoog en senior-onderzoeker bij het FrieslandCampina Innovation Centre in Wageningen. Hij benadrukte dat de consument van tegenwoordig leeft in een wereld vol keuzes. In ons brein hebben we daarvoor grofweg twee systemen: ten eerste het snelle, onbewuste en automatische systeem. Ten tweede het weloverwogen en doordachte systeem. De meeste voedselkeuzes maken we razendsnel, waarbij smaak en hongergevoel leidend zijn. Veltkamp concludeert uit een studie naar eetgedrag bij consumenten, dat aanpassingen in het eetgedrag ver van het huidige voedingspatroon moeilijk te realiseren zijn. Dat geldt met name voor de maaltijdmomenten waarvoor vaste gewoonten bestaan, zoals ontbijt en lunch. Wil je bij die maaltijden veranderingen doorvoeren, dan is het gemakkelijker om te kiezen voor veranderingen binnen productcategorieën (bijvoorbeeld wit brood vervangen door bruin brood), dan om de maaltijden compleet aan te passen. Overige veranderingen worden beter geaccepteerd door consumenten als de nieuwe eetgewoonten of producten lekkerder zijn. ‘Smaak is de koning van het eetgedrag’, zegt Veltkamp. Pas als duurzame keuzes ook snelle en smakelijke keuzes zijn, zullen ze succesvol zijn.

De boerderij

Op de boerderij ligt de basis voor een goed, veilig en duurzaam geproduceerd zuivelproduct. FrieslandCampina hanteert voor de melkveehouders aangesloten bij de coöperatie het Foqus planet-programma. Dit programma bestaat uit vier thema’s; bedrijf, koe, voer en melk. Hierbij worden eisen gesteld op onder andere hygiëne, melkkwaliteit en voedselveiligheid, diergezondheid en- welzijn, weidegang en duurzame ontwikkeling. Er wordt door leden-melkveehouders ingezet op biodiversiteit, zorg voor het landschap en een lager energiegebruik. Zo is FrieslandCampina onder andere bezig met een groot project over mestverwerking. Daarmee wordt het broeikasgas methaan dat uit de mest vrijkomt benut als energiebron.

Nieuwe gegevens Voedselconsumptiepeiling

Caroline van Rossum, Projectcoördinator Voedselconsumptiepeiling bij het RIVM, presenteerde de tussentijdse resultaten uit de Voedselconsumptiepeiling 2012-2016. Van Rossum: ‘Goed nieuws is dat kinderen 20% meer fruit zijn gaan eten ten opzichte van vijf jaar geleden.’ De consumptie van basisvoedingsmiddelen, zoals aardappelen, vetten en oliën, zuivel en vlees is afgenomen. Bij zuivel komt de daling vooral uit dranken als melk en karnemelk. De gemiddelde zuivelconsumptie onder in de bevolking van 1 tot 79 jaar is 355 gram per dag. De groente- en broodconsumptie bleef ongeveer gelijk. Verder is er een daling van alcoholische dranken en koek en gebak, maar een stijging van niet-alcoholische dranken en sauzen. De VCP 2012 – 2016 is nog een lopende studie naar de voedselconsumptie en inname van energie en voedingsstoffen van de algemene Nederlandse bevolking van 1 tot 79 jaar. De cijfers over de hele periode en de betekenis voor de gezondheid volgt na afloop van de totale dataverzameling over de gehele meetperiode 2012 tot 2016.

Generation R: voeding op jonge leeftijd

Trudy Voortman is wetenschappelijk onderzoeker bij de afdeling Epidemiologie van het Erasmus MC Rotterdam. Zij werkt mee aan het Generation R onderzoek, een grote bevolkingsstudie waarin bijna 10.000 moeders en kinderen uit Rotterdam worden gevolgd. Opvallend is het hoge eiwitgehalte in de voeding van jonge kinderen. Voortman nam de proef op de som en vergeleek het vetpercentage en vetvrijepercentage van kinderen met en zonder een hoge eiwitinname tussen hun eerste levensjaar en 8-jarige leeftijd. Hoe hoger de inname op 1-jarige leeftijd, hoe hoger het vetpercentage op latere leeftijd, onafhankelijk van de eiwitinname op 8-jarige leeftijd. Opvallend: de inname van zuivel heeft géén verband met de stijging van het vetpercentage, en een voedingspatroon rijk aan zuivel hield juist verband met een hogere vetvrije massa. Het blijkt van belang om in voedingsonderzoek niet alleen naar nutriënten te kijken, maar ook naar voedingsmiddelen en het complete voedingspatroon.

Duurzaamheid: begin bij de kinderen

De dag werd afgesloten met een paneldiscussie met de zaal en een panel bestaande uit de sprekers Martijn Veltkamp en Stephan Peters en diëtist Berdien van Wezel. De hamvraag was: hoe ziet een gezond en duurzaam eetpatroon er uit  en hoe kunnen we consumenten stimuleren tot een meer duurzaam eetpatroon? Volgens Van Wezel moeten we uitgaan van de behoefte van de cliënt en kleine veranderingen adviseren, zoals meer peulvruchten of een kleinere portie vlees. Veltkamp voegde toe dat kiezen voor duurzaamheid een keuze is voor de lange termijn, terwijl veel consumentenkeuzes zijn gebaseerd op de korte termijn. We moeten dus de duurzame keuzes heel dichtbij halen. Peters zei dat voedingsgedrag moeilijk is te veranderen, maar dat de diëtist bij uitstek geschikt is om consumenten te coachen bij het doorvoeren van deze verandering in hun voedingspatroon.

Bij wie moeten we beginnen? De zaal was unaniem: bij kinderen. Door smaaklessen op school krijgen kinderen meer kennis, maar ook een positief gevoel rondom eten. Maar ook rondleidingen in de supermarkt werden genoemd als middel om consumenten te helpen bij duurzame en gezonde voedingskeuzes. Diëtisten zijn belangrijk om consumenten voor te lichten over duurzaamheid en gezondheid, maar kunnen het niet alleen: samenwerking met partijen als scholen, GGD’s, supermarkten en bedrijfsleven is onontbeerlijk. Duidelijk is dat omschakelen naar een voedingspatroon volgens de Schijf van Vijf – met volop basisvoedingsmiddelen als groenten, fruit, brood, peulvruchten en zuivel – al een grote verbetering is op het gebied van gezondheid èn duurzaamheid.

 

Congres Zuivel & Duurzaamheid 3

Praktische informatie

Datum: 11 oktober 2016
Waar: Wereld van Smaak in de Markthal te Rotterdam
Verlengde Nieuwstraat 177
3011 GX Rotterdam

Zie routebeschrijving

Accreditatie

Voor wie: Diëtisten
Accreditatie: Voor diëtisten met 5 punten. De accreditatiepunten worden toegekend aan de deelnemers die de hele dag aanwezig zijn.
Kosten: Dit congres wordt je volledig aangeboden door het FrieslandCampina Institute