Darmmicrobiota van ouderen

Veroudering is lang geassocieerd met een verminderde gastro-intestinale (GI) functie en aanpassingsvermogen. Het is ook geassocieerd met veranderingen in de samenstelling van de microbiota. In een literatuuronderzoek van Ran An et al. (2018) analyseerden de onderzoekers ouderdomsgerelateerde veranderingen en de microbiota van de darmen.

Samenvatting | Een interventie gericht op  de darmmicrobiota kan een manier zijn om de gezondheid te verbeteren bij ouderen, zoals kwetsbare ouderen, ouderen met specifieke comorbiditeiten en/of medicatiegebruik (1). Er is meer onderzoek nodig naar de impact van verandering van de microbiota, met behulp van een gerichte aanpak en focus op goed gekarakteriseerde en relevante populaties van ouderen.

Onderstaand figuur van Ran An et al. (2018) biedt een overzicht van belangrijke veranderingen in de GI-functie en de intestinale microbiota tijdens het verouderingsproces, inclusief mogelijke factoren en interventies om de intestinale microbiota te beïnvloeden.

Deze figuur wordt gebruikt met toestemming van het tijdschrift BMJ (1).

*Gerelateerd aan kwetsbaarheid; ≈ geen significant verschil; een paar of de minderheid van de studies die een significante toename aantonen; verschillende of de meerderheid van de studies die een significante toename aantonen; een paar of de minderheid van de studies die een significante afname aantonen; verschillende of de meerderheid van de studies die een significante afname aantonen. CCK, cholecystokinine; NK, natural killer; NG, niet gerapporteerd.

Darmmicrobiota van ouderenVolgens het onderzoek van Ran An et al. (2018) is het moeilijk een ‘typische’ microbiota voor ouderen te definiëren. Onderzoek leverde namelijk inconsistente bevindingen op voor de samenstelling van de intestinale microbiota (1). Dit kan volgens de onderzoekers te wijten zijn aan de grote variatie tussen individuen en de vele mogelijke vertekenende factoren.

De intestinale microbiota van ouderen wordt meer beïnvloed door factoren zoals leefstijl (d.w.z. voeding en roken), comorbiditeit, medische behandelingen en leefsituatie, dan door veroudering als dusdanig. De variatie aan mogelijke vertekenende factoren maakt het volgens de onderzoekers moeilijk de oorzaken en gevolgen van ouderdomsgerelateerde veranderingen in de intestinale microbiota te ontdekken.

In het algemeen is veroudering gelinkt aan uiteenlopende veranderingen in de gastro-intestinale (GI) fysiologie en functie, die een invloed kunnen hebben op de hoeveelheid en de soorten voedingsstoffen die terecht komen in de dunne en de dikke darm. Dit kan leiden tot veranderingen in de samenstelling en functionaliteit van de intestinale microbiota. Een voorbeeld is een verminderde kauwfunctie en smaak, wat bij kwetsbare ouderen vaker voorkomt. De verminderde kauwfunctie en smaak veroorzaken een lagere voedselopname en een verslechterde  nutritionele status. De verminderde nutritionele status kan de samenstelling en activiteit van de intestinale microbiota beïnvloeden. De directe impact van ouderdomsgerelateerde veranderingen in de GI- functie op de vertering en opname van voedingsstoffen, evenals op de samenstelling en functionaliteit van de intestinale microbiota moet echter nog verder onderzocht worden (1).

Aangezien de intestinale microbiota gelinkt is aan uiteenlopende lichaamsfuncties kan een interventie gericht op de intestinale microbiota een mogelijk effect hebben op de gezondheid van ouderen. De onderzoekers adviseerden dan ook verder onderzoek, gefocust op de rol van de GI-fysiologie en de intestinale microbiota, en hun rol in specifieke goed gekarakteriseerde subgroepen ouderen (1).

Referenties

  1. An R, Wilms E, Masclee AAM, Smidt H, Zoetendal EG, Jonkers D. Age-dependent changes in GI physiology and microbiota: time to reconsider? Gut 2018; 67(12): 2213-2222. https://gut.bmj.com/content/67/12/2213