Nieuwe meta-analyse: kaasconsumptie en hart- en vaatgezondheid

Kaas is een geliefd product bij veel mensen. Bovendien is kaas van nature een bron van diverse voedingsstoffen, zoals eiwit, calcium en vitamine K en daarom onderdeel van een gebalanceerde voeding en leefstijl. Kaasconsumptie draagt ook bij aan de inname van (verzadigd) vet. Wetenschappers hebben daarom al veel onderzoek gedaan naar het effect van het eten van kaas op de gezondheid van hart en vaten. Een nieuwe meta-analyse door Chen et al (2017) laat zien dat kaasconsumptie gunstig geassocieerd is met hart- en vaatgezondheid. De onderzoekers voerden ook een dosis-respons analyse uit om meer inzicht te krijgen in de ‘optimale’ dagelijkse portie.

Samenvatting | De meta-analyse Chen et al (2017) laat zien dat het eten van kaas gunstig geassocieerd is met de gezondheid van hart en vaten. Een dosis-respons analyse laat zien dat deze associatie het sterkst is bij 40 gram per dag. Dit zijn zo’n twee porties kaas per dag.

Melk is wereldwijd een onderdeel van voedingsrichtlijnen en is onderdeel van een gezond en gevarieerd voedingspatroon. Melk en andere zuivelproducten leveren van nature voedingsstoffen die het lichaam dagelijks nodig heeft, zoals eiwit en calcium. Half-harde kaas is van nature rijk aan eiwit, calcium, fosfor, zink, vitamine B12 en vitamine K (1). Kaas bevat ook vet en het eten van kaas draagt bij aan de inname van (verzadigd) vet.

Auto Draft 25

Zoals benoemd door Chen et al (2017) (2) is de inname van verzadigd vet geassocieerd met hogere LDL-cholesterol waarden, wat een bekende risicofactor is voor hart- en vaatgezondheid. Het algemene advies is daarom om verzadigde vetzuren te vervangen door meervoudig onverzadigde vetzuren en halfvolle of magere zuivelproducten te consumeren. Echter, studies naar de consumptie van zuivel met verschillende vetpercentages laten geen nadelige uitkomsten zien voor de hart- en vaatgezondheid. Terwijl dit in eerste instantie wel de verwachting zou zijn, kijkende naar het verzadigde vet gehalte in zuivel. (3) Er is daarom de afgelopen 20 jaar veel onderzoek gedaan naar het effect van kaasconsumptie op de hart- en vaatgezondheid (2). Recente meta-analyses (4-6) lieten zien dat er een neutrale of kleine gunstige associatie is tussen het eten van kaas en hart- en vaatgezondheid.

Studie

De onderzoekers zochten naar literatuur tussen januari en december 2015. Na het zoeken en selecteren zijn 15 prospectieve studies meegenomen in de meta-analyse. De geselecteerde studies zijn uitgevoerd in Europa (n=10), Amerika (n=4) en Australië (n=1). De deelnemers in de studies zijn voor meer dan 10 jaar gevolgd in 13 van de 15 studies en in 14 van de 15 studies zijn deelnemers met hart- en vaatproblemen aan het begin van de studie uitgesloten.

Resultaten

De onderzoekers rapporteerden de volgende resultaten:

  • Een hoge kaasconsumptie is gunstig geassocieerd met hart- en vaatgezondheid (RR=0,90; 95% CI=0,82-0,99). (2).
  • Om deze associatie verder te kwantificeren hebben de onderzoekers een dosis-respons analyse uitgevoerd. Deze analyse liet een neigende U-vormige associatie zien tussen kaasconsumptie (0-100 gram/dag) en hart- en vaatgezondheid, met de sterkste associatie bij 40 gram kaas per dag (2). Dit komt neer op zo’n twee porties kaas per dag.

Conclusie

De onderzoekers Chen et al (2017) concluderen dat het eten van kaas gunstig geassocieerd is met hart- en vaatgezondheid: “This meta-analysis of prospective studies suggests a nonlinear inverse association between cheese consumption and risk of CVD”. Een dosis-respons analyse laat zien dat deze associatie het sterkst is bij 40 gram per dag. (2).

Opmerkingen

De onderzoekers rapporteerde ook een aantal beperkingen van de studie die ze hebben uitgevoerd. De studies in de meta-analyse waren observationele studies, waardoor er niet gesproken kan worden over een oorzakelijk verband. Ook kunnen confounders een impact hebben op de uitkomst, al hebben de meeste studies voor een groot aantal gecorrigeerd. Er is gebruik gemaakt van zelfrapportage, wat voor misclassificatie van de kaasconsumptie kan zorgen. Door een gebrek aan gegevens was het bovendien niet mogelijk om een onderscheid te maken in het vetgehalte van de kaas.

Daarom moeten de resultaten volgens de onderzoekers voorzichtig geïnterpreteerd worden. Er zijn meer grote cohortonderzoeken nodig om de associatie tussen kaasconsumptie en hart- en vaatgezondheid nog beter te onderzoeken, met in het bijzonder de vergelijking tussen volvette kaas en kaas met een lager vetpercentage. (2)

Referenties

  1. EFSA Food Composition database and Dutch food composition database (NEVO-online 2016/5.0).
  2. Chen et al. (2017). Cheese consumption and risk of cardiovascular disease: a meta‑analysis of prospective studies. European Journal of Nutrition, 2017; 56: 2565-2575.
  3. Thorning et al (2017). Whole dairy matrix or single nutrients in assessment of health effects: current evidence and knowledge gaps. American Journal of Clinical Nutrition, 2017 doi: 10.3945/ajcn.116.151548
  4. Hu et al. (2014). Dairy foods and risk of stroke: a meta-analysis of prospective cohort studies. Nutrition, Metabolics and Cardiovascular Disease, 2014; 24: 460-469.
  5. Qin et al. (2015). Dairy consumption and risk of cardiovascular disease: an updated meta-analysis of prospective cohort studies. Asia Pacific Journal of Clinical Nutrition, 2015; 24: 90-100.
  6. Drouin-Chartier et al (2016). Systematic review of the association between dairy product consumption and risk of cardiovascular-related clinical outcomes. Advances in Nutrition, 2016; 7: 1026-1040Clin Nutr 24:90–100