Van oudsher is karnemelk een bijproduct van de boterproductie. Tegenwoordig wordt karnemelk gemaakt door het aanzuren van magere melk.
Hoe wordt karnemelk gemaakt?

Een traditionele manier om karnemelk te maken is het toevoegen van melkzuurbacteriën aan melk en vervolgens flink te roeren (karnen), zodat het vet in de melk samen klontert tot boterklonten. De boter kan er worden afgeschept en de overgebleven vloeistof is karnemelk. In Duitsland heet karnemelk dan ook ‘Buttermilch’ en in het Engels wordt karnemelk ‘Buttermilk’ genoemd. Tegenwoordig wordt karnemelk gemaakt door het aanzuren van magere melk.

Door magere melk aan te zuren met melkzuurbacteriën, wordt de lactose in de melk omgezet in melkzuur. De melk wordt iets dikker en krijgt een fris-zure smaak: karnemelk. Karnemelk bevat 3,6 gram lactose per 100 gram. Dit is minder dan in melk, dat ongeveer 4,6 gram lactose per 100 gram bevat. Dit is gunstig voor mensen die lactose niet goed kunnen verdragen.

 

Lees meer over: