Lactose: de natuurlijke melksuiker

Melk bevat lactose. De hoeveelheid lactose verschilt per zuivelproduct. Yoghurt en karnemelk bevatten bijvoorbeeld minder lactose dan melk. (Half)harde kazen bevatten vrijwel geen lactose. Lactose kan ook – in kleine hoeveelheden – voorkomen in producten waarin melk, melkpoeder of bepaalde bestanddelen uit melk zijn verwerkt, zoals chocoladeproducten, koffiecreamers en koek.

Lactose in melk(producten)

Wat is de rol van melk in een gezond voedingspatroon? 1Lactose – ook wel melksuiker genoemd – is een disacharide en bestaat uit een glucosemolecuul en een galactosemolecuul. Lactose komt alleen in melk van zoogdieren voor. (1) In moedermelk zit gemiddeld 7,0 gram lactose per 100 gram; koemelk bevat gemiddeld 4,6 gram lactose per 100 gram (2). Gefermenteerde koemelkproducten bevatten minder lactose dan melk omdat tijdens de bereiding bacteriestammen worden toegevoegd die lactose splitsen in glucose en galactose. (1) Yoghurt bevat ongeveer 4 gram lactose per 100 gram, al varieert dit tussen magere, halfvolle en volle yoghurt. Karnemelk bevat ongeveer 3,5 gram lactose per 100 gram (2). In goudse kaas zit nauwelijks lactose (2). Tijdens het proces van kaas maken verdwijnt een deel van de lactose bij het wassen van de wrongel. De resterende lactose wordt afgebroken door melkzuurbacteriën tijdens het rijpingsproces. (Half)harde kazen met een rijping van tenminste 4 weken bevatten minder dan 0,1% lactose.

Drie kenmerken van lactose

Lactose onderscheidt zich om een aantal redenen van andere koolhydraten:

  • Lactose is minder cariogeen (cariësverwekkend) dan andere koolhydraten als sucrose en glucose. Een oorzaak kan zijn dat de aanmaak van zuren uit lactose relatief langzaam verloopt. (1) Bovendien is melk als totaalproduct niet zuur (pH = 6,6) en kan daarom de zuurgraad in de mond neutraliseren (3).
  • Lactose heeft een lagere glycemische index dan glucose. Dit komt doordat lactose niet altijd volledig wordt verteerd in de dunne darm. Ook draagt galactose (ontstaat na de omzetting van lactose naar glucose en galactose) bij aan de stijging van de bloedglucosespiegel nadat het in de lever is omgezet in glucose. Deze kenmerken van lactose zorgen voor een minder snelle stijging van de glucosespiegel in het bloed dan glucose en sucrose. (1)
  • De zoetheid van lactose is ongeveer 1/3 lager ten opzichte van sucrose. Dit is een reden dat lactose wordt gekozen als het koolhydraat in kindervoeding. (1)

Referenties

  1. Schaafsma, G. (2008). Lactose and lactose derivatives as bioactive ingredients in human nutrition. International Dairy Journal, 2008, Vol. 18: 458-465.
  2. NEVO-online versie 2013/4.0, RIVM, Bilthoven.
  3. Ivoren Kruis (2014). Tanderosie, hoe voorkom je dat?. Verkregen in september 2014 via http://www.ivorenkruis.nl/index.cfm?t=keyword.cfm&folder=65